Verslagen van HSC A
Ronde 6 (24 februari): HSC A - KiNG A (door Hugo Faber)
Afgelopen dinsdag speelden we avondcompetitie tegen King A. De ambities van dit team waren dit jaar wat lager, want ze kozen er niet altijd voor om hun sterkste team op te stellen. Tegen HSC A waren hun topborden weer goed bezet. Dat kwam ons slecht uit, want juist deze avond konden onze kopmannen Gachatur en Sebastiaan niet. Met hun aanwezigheid had King A het zeer waarschijnlijk een stuk moeilijker gehad. De kampioensaspiraties waren overigens al wel geslonken: WLC A stond al 2 matchpunten plus 2 bordpunten voor. Een kleine nederlaag van hen zou de onderlinge stand ongewijzigd laten.
Invaller Pim was als eerste klaar en de enige die deze avond won. Op een gegeven moment bleef hij een stuk voor omdat zijn tegenstander dat “vergat” (al dan niet bewust) om terug te nemen.
Op de andere borden ging het slechter. Op bord 1 kon ik geen vuist maken tegen Mark Haast. Gezien zijn rating (2401!) geen schande.
Mijn hoop was op Johan gevestigd, maar die kwam vanuit een gelijke stelling in een minder eindspel terecht, waarin hij structureel een zet te laat kwam. Dat leidde tot een afwikkeling naar een toreneindspel met een pion minder en geen compensatie.
Een teleurstelling was de nederlaag van invaller Maarten tegen iemand met een flink lagere rating. Halverwege de partij stond hij toch echt wel goed, maar toen moet de klad erin zijn gekomen, want uiteindelijk moest er toch een 0 worden genoteerd op het wedstrijdformulier. Is het klimmen van de jaren dat ons zestigers parten gaat spelen?
Jammer genoeg verloren dus, maar omdat WLC A geen fout maakte tegen Eindhoven A en met 3-1 won, had ook een overwinning er niet meer toe gedaan.
| HSC A (1996) | KiNG A (2093) | 1-3 |
| Hugo Faber (2025) | Mark Haast (2401) | 0-1 |
| Johan Wuijts (1983) | Bram van den Berg (2226) | 0-1 |
| Pim Blijlevens (1968) | Frank Lambregts (1952) | 1-0 |
| Maarten Smit (2006) | Bram van de Vrande (1792) | 0-1 |
Ronde 5 (3 februari): HSC A - WLC B (door Hugo Faber)
Vorig seizoen leden we een onverwachte nederlaag tegen het tweede avondteam van WLC, dus er moest op 3 februari maar eens wat “recht” worden gezet.
In het begin kon het nog alle kanten op. Gachatur stond gelijk, Sebastiaan stond iets minder, Johan iets beter en ik nog wat beter.
Gachatur speelde wat nieuwer repertoire, waar zijn tegenstander niet zo goed goed raad mee wist. Daarbij kreeg hij ook nog last van zijn tijd, want Gachatur had ook nog eens snel gespeeld. Op een gegeven moment was de tijdsverhouding zelfs 1 uur en 10 minuten tegen 10 seconden! Het eindspel was ook nog eens comfortabel voor onze jongeman, dus dan is een en een gewoon twee.
Johan verkreeg het loperpaar, kreeg wat voordeel en kon dat wellicht vergroten. Hij raakte het voordeel echter kwijt en kwam ook nog eens minder te staan. Zijn tegenstander speelde het ook niet optimaal, dus wat later werd in een gelijke stelling tot remise besloten.
Zelf kwam ik heel behoorlijk te staan. Ik kon met loper en paard druk zetten op het traditioneel zwakke veld f7, nadat de zwarte toren ook nog eens naar e8 was gegaan. Zwart wist zich staande te houden door de beste mogelijkheid te spelen: de “Van Rooij”-zet Pd8 om die pion te dekken. Het leek alsof ik niet echt verder zou komen, dus ik besloot uiteindelijk maar f4 en g4 te spelen om met f4-f5 de koningsvleugel open te breken. Zwart reageerde daar iets te actief op en na nog een blunder liet hij een familieschaakje toe dat hem een toren zou kosten. Punt voor mij.
Sebastiaan kwam dus wat minder staan, maar kon later wel een sterk lijkend paard op f5 zetten. In de tijdnoodfase deed zwart uiteindelijk wat mindere zetten. Overigens scheelde het 1 seconde of Sebastiaan was door zijn vlag gegaan! De uiteindelijke afwikkeling pakte goed uit voor Sebastiaan en hij kreeg een gewonnen eindspel. Daarmee staan we weer bovenaan! WLC A staat echter maar op 2 luizige bordpunten afstand en we moeten nog tegen de beide KiNG-teams.
| HSC A (2115) | WLC B (1933) | 3½-½ |
| Gachatur Kazarjan (2251) | Berend Ruben (2052) | 1-0 |
| Sebastiaan Smits (2200) | Jasper Krenning (1926) | 1-0 |
| Johan Wuijts (1983) | Niels Feijen (1880) | ½-½ |
| Hugo Faber (2025) | Max Quintus (1875) | 1-0 |
Ronde 4 (8 december): De Drie Torens A - HSC A (door Hugo Faber)
Afgelopen maandag speelden we samen met onze clubgenoten tegen de teams van De Drie Torens. We wisten een zeer ruime overwinning te boeken. Dat was natuurlijk mooi, want de twee wedstrijden hiervoor waren we niet verder gekomen dan een nederlaag en een gelijkspel (wel tegen de huidige koploper WLC A).
Gachatur speelde lange tijd gelijk en hij probeerde het met wachtzetten. Daarmee bereikte hij echter geen voordeel. In tijdnood echter ging zwart op de koningsvleugel in de fout. Na een f7-f5 van hem werd de koningsvleugel opengebroken en manoeuvreerde Gachatur snel zijn dame naar die open vleugel en kon hij aan die kant met dame en loper binnenvallen. Daarmee was het eerste punt binnen.
Sebastiaan kon na een gelijke stelling twee kanten op. Hij kon kiezen uit een veilige optie, maar dan zou de stelling nog "gelijker" kunnen worden. Het werd uiteindelijk de twijfelachtige, riskantere optie en daarmee kwam hij in een eindspel met een principe mindere verhouding van een toren tegen twee lichte stukken terecht. Gelukkig kon hij op activiteit blijven spelen en uiteindelijk ging wit ten onder aan tijds- en stellingsdruk.
Stelling na de 39e zet van wit:
Hier speelde Sebastiaan 39…Tc3 40.Pg4 Tc4 (lokt g3 uit waarna de loper of f3 weer ongedekt staat) 41.g3? (Engine geeft 41.Pe5 Txf4 42.Pc6. Dit was actiever) 41…Tc3 42.Ph2?? Tc2+ 0-1.
In een Italiaanse partij kreeg Johan de kans om met d3-d4 de stelling open te breken. Daarna kreeg hij goede kansen. Uiteindelijk won hij twee pionnen en werd het een T + 2pi tegen T eindspel en dat is nog lastig als je het even gauw met nog weinig tijd moet doen. Uiteindelijk verhinderde de tegenstander het mat niet...
Ik speelde tegen oude bekende Wilbert Kocken. Serieuze partij, rapidpartij of snelschaakpartij, het gaat er bij ons altijd hard aan toe. In een bekende variant viel Wilbert mijn koningsvleugel aan en schoof ik de damevleugel dicht (theoretisch motief) om wits aanvalsloper te neutraliseren en daarna op de damevleugel aan te vallen. Wit vond dat bedreigend en bood dameruil aan. Dat was mooi, want de aanval op mijn koningstelling was zo geluwd. Ik wilde op de damevleugel verder, maar dat ging niet makkelijk. Een hoop planloze zetten van mij volgden. Uiteindelijk kreeg ik 2 torens op de 2e rij (witte koning stond op de 1e) en kon ik beide torens gebruiken om mat te gaan geven. Wit kon met zijn torens ook schaakjes geven, maar daar wist ik uit te lopen. Sportief liet Wilbert zich daarop mat zetten.
Zo werd het dus een white-wash. Met WLC A aan kop en nog 3 wedstrijden te spelen, lijkt het kampioenschap beslist, maar wie weet gebeurt er nog iets onverwachts.
| De Drie Torens A (2030) | HSC A (2111) | 0-4 |
| Bert-Jan Panjoel (2047) | Gachatur Kazarjan (2305) | 0-1 |
| Rick Zegveld (2020) | Sebastiaan Smits (2183) | 0-1 |
| Joost van den Bighelaar (2010) | Johan Wuijts (1947) | 0-1 |
| Wilbert Kocken (2042) | Hugo Faber (2010) | 0-1 |
Ronde 3 (11 november): HSC A - WLC A (door Hugo Faber)
De 11e van de 11e moesten we tegen WLC A. Vorig seizoen ontvingen we ze ook thuis en toen waren ze op papier duidelijk favoriet, maar wisten we met 3-1 te winnen. Nu hadden we half WLC-lid Sebastiaan als versterking en ontliepen de teams elkaar qua speelsterkte dit keer niet veel. Uiteraard werkt het dan niet zo dat je dan wel met grotere cijfers gaat winnen :-).
Zoals als verwacht werd het dus op alle borden een harde strijd. Ik wist als eerste een punt te scoren. Tegenstander Robert Klomp besloot met g5 en h5 alles op de aanval te gooien (ik had dus kort gerokeerd). Dit beantwoordde ik met een aanval op de in het midden staande koning. Mijn aanval ging wat harder, maar ik maakte het zelf nog wat spannend en mijzelf onnodig moeilijk. Uiteindelijk maakte hij de laatste fout en na een pion op c5 met schaak te hebben genomen, snelde mijn dame met een noodvaart van a4 naar h4 om haar collega van het strijdtoneel te halen. Daarmee was dus uiteraard de partij gespeeld.
Johan trof de overbekende en in veel van onze verslagen genoemde Rudy Simons. Die bleek zich zowel op mij als op Johan te hebben voorbereid. Beide heren begonnen uiteraard een bak aan theoretische zetten over elkaar uit te storten. Daarna speelde Johan wat aarzelend, waardoor wit een aanval op h7 kon opzetten en ook nog eens de pion op h7 won. Even later won hij nog een pion en Johan, die inmiddels ook met een open koningsvleugel zat opgescheept, gaf op.
Gachatur en Sascha weten ook goed van elkaar wat ze spelen, dus ook hier een bak theorie. Toen offerde Gachatur een pion voor veel tegenspel. Het gevolg was dat hij op de tweede rij binnen kon komen met een toren, weldra gevolgd door een tweede toren. Sascha probeerde een matnet te maken, maar dat duurde gewoon te lang. In de volgende stelling speelde Gachatur 28…Dxc4! Dame nemen gaat niet want, dan volgt er in twee zetten mat… en er dreigt ook meteen 29…Dxd5+. Er volgde 29.Txe2 Dxe2 30.gxh5 Dg2 mat.

Sebastiaan, vorig jaar nog aan de "andere kant" spelend, deed jammer genoeg niet wat hij toen ook deed. Hij kwam er niet overdreven goed uit met zijn Caro Kann/KoningsIndisch in de voorhand. Hij had licht initiatief op de koningsvleugel, maar zwart had dat op de damevleugel en vooral ook door een ver opgerukte a-pion (b)leek dat initiatief sterker. Uiteindelijk gaf zwart die opgerukte pion voor een aanval met zware stukken en moest Sebastiaan capituleren.
En zo werd het dus 2-2. Ik vermoed, dat iedereen zich wel in deze uitslag kon vinden.
| HSC A (2101) | WLC A (2091) | 2-2 |
| Gachatur Kazarjan (2236) | Sascha Kurt (2312) | 1-0 |
| Sebastiaan Smits (2209) | Thomas Kools (2087) | 0-1 |
| Johan Wuijts (1965) | Rudy Simons (1985) | 0-1 |
| Hugo Faber (1995) | Robert Klomp (1978) | 1-0 |
Ronde 2 (23 oktober): De Raadsheer A - HSC A (door Hugo Faber)
Op donderdag 23 oktober reisden we in stormachtig weer af naar het verre Zundert. Dat zou een latertje worden, maar gelukkig is het de volgende dag vrijdag. Gachatur ontbrak deze avond; hij speelde mee in het jaarlijkse toernooi van Hoogeveen. Nico was als vervanger gerekruteerd. Bij het schrijven van een verslag voor HSC 1 moet ik het tegenwoordig elke keer weer hebben over gemiste kansen van ons. Met het avondteam van HSC A heb ik daar niet zo last van: een vrij succesvol team, waarmee we tot veel in staat zijn. Met de toetreding van Sebastiaan zou dat zelfs nog meer kunnen zijn. Jammer genoeg kwam het er deze avond niet uit. Sebastiaan deed zijn plicht, maar het gemis van onze kopman deed zich wel voelen.
Nico was als eerste klaar. Ik dacht dat hij een interessante stelling had, waarin hij het mijns inziens had kunnen proberen met een stukoffer op e6 voor 2 pionnen en dan vervolgens nog een pionnetje erbij pakken op f6. Met de koning van de tegenstander nog in het midden had dat best interessant geleken. Hij heeft zeer waarschijnlijk iets anders geprobeerd, maar dat leidde niet tot succes. Geen schande, want zijn tegenstander had toch zo’n 130 elopunten meer.
Ik had een variant van de Caro-Kann tegen me die ik al vaker tegen heb gehad (o.a. tegen Bart) en waar ik toch wat moeite mee heb. Je kijkt de theorie dan weer eens na. Dan krijg je het weer een tijd je niet op het bord en opeens daar is die variant weer… Voor mijn gevoel moest ik de hele tijd mijn best doen om gelijkspel te houden. Toch kreeg ik op het einde toch nog wel een kans.

In de stelling hierboven overwoog ik uiteraard onmiddellijk 1.Pxd5 (maakt niet uit welk paard). Na een tijdje nadenken leek me dat zwart mijn pionnenfront makkelijk tegen zou kunnen houden en wellicht op winst zou kunnen spelen. Toch lijkt zijn taak nog niet zo makkelijk na 1…cxd5 2.Pxd5 Te6 3.Pxf6 Txf6 en dan 4.Ke3! gevolgd door 5.d5. Ik durfde het niet en het werd herhaling van zetten na 1.Ph5 Lg5 2.Pf4 Lf6 3.Ph5 etc.
Op hetzelfde moment ging Johan ten onder. Lang had hij ietwat onder druk gestaan, maar het ging fout nadat hij een op zich logische bevrijdingszet koos, waarmee zijn op c8 staande dame weer in het spel gebracht werd. Die dame kwam echter op dezelfde lijn als zijn koning terecht al zat daar nog wel een pionnetje op g7 voor. Wit kon met een paardschaakje de g-pion dwingen dat paard te slaan, waarna de toren op g1 geplaatst kon worden met damewinst. Daar kreeg Johan nog wel iets van terug, maar dat was te weinig.
Sebastiaan deed waar hij voor aangenomen was: winnen! Dat deed hij met het drierijensysteem, waarvan ik niet weet of het nog populair is. Vroeger was het een echt semiprof systeem dat je kon spelen als je niet zoveel tijd had om je openingsrepertoire bij te houden (GM Robert Hübner, die nog een halve baan had, speelde het en Ulf Andersson heeft er Karpov nog eens mee verslagen). Het is een kwestie van heen en weer schuiven op de drie rijen en dan opletten of je de tegenstoot d5 of b5 kan plaatsen. Het werd d5. In het late eindspel pakte hij uiteindelijk de winst.
Daardoor werd onze nederlaag dragelijk. Gachatur, we hebben je weer hard nodig in de volgende ronde!
| De Raadsheer A (1919) | HSC A (1987) | 2½-1½ |
| Jorrit Havermans (1906) | Hugo Faber (2006) | ½-½ |
| Mitchell Matthijssen (1936) | Sebastiaan Smits (2201) | 0-1 |
| Niek Oostvogels (1902) | Nico Vissers (1776) | 1-0 |
| Thijs van Opstal (1932) | Johan Wuijts (1966) | 1-0 |
Ronde 1 (23 september): HSC A - Eindhoven A (door Hugo Faber)
Met een versterkt avondteam (dit keer doet ook Sebastiaan mee!) traden we in de 1e ronde van het seizoen onze tegenstanders van Eindhoven A optimistisch tegemoet. Weliswaar konden ze beschikken over een ervaren IM, maar dat zouden we moeten kunnen opvangen met onze kersverse FM (per 1 oktober meen ik?).
Teamleider Johan speelde een lekkere vlotte partij. In een Philidor / OudIndische (of hoe dat ook mag heten) stelling speelde Johan een paard over van f3 naar d2 op weg naar c4. Doel leek het veld b6 te zijn. Zwart was daar zo op gefocust dat hij volledig overzag dat wit na pionnenruil in het centrum via Pd6 schaak kon geven. Dat was reeds rampzalig voor hem, omdat zijn koning ineengeklemd was tussen diverse stukken en dus naar voren zou moeten. Dan zou Lc5 volgen met een onvermijdelijk dodelijk dubbelschaak op de zet daarna. Een vroeg punt dus.
Gachatur moest met zwart dus het zware werk doen en daar slaagde hij heel goed in. Blijkbaar had IM Bas geen voet tussen de deur weten te krijgen en werd er daarom tot remise besloten. Gachatur opperde na de partij dat hij misschien nog wel door had kunnen spelen, maar zoiets moet je natuurlijk alleen doen als je zeker van je zaak bent. Een minuscuul foutje kan zo afgestraft worden. Gachatur kon dus best tevreden zijn.
Nou dacht ik dat ik het gemiste Lxd5 van Pim in de externe competitie van afgelopen zaterdag succesvol "verdrongen" had, maar nu liep ik zelf tegen een onnodige nederlaag aan! Dat was mijn tweede nederlaag tegen deze tegenstander. Het zag er nu lange tijd naar uit dat ik remise zou maken, totdat ik een momentje last had van onderschatting (en dat hoor je niet te hebben in de hoofdklasse). In de volgende stelling had wit zijn dame naar d2 gespeeld.

"Dat is mooi" dacht ik en zonder al te veel na te denken speelde ik 1...Pe4? (1…Dd6 was een weg naar remise geweest: nu is Pe4 wel een serieuze dreiging en moet je 2.Db4 doen of iets vaags doen als 3.Df4 gevolgd door 4.Pc5+ en 5.Pe6, maar dan hou je ook remise). En toen werd ik onaangenaam verrast door 2. Db4! Met dubbele dreiging: 3.Te7 en 3.Txe4 gevolgd door 4.Pc5+ Het was duidelijk dat 2…Pd6 3.Pc5+ en 2...Te8 3.Txe4 niet afdoende waren, dus speelde ik maar 2…Dd6 3.Te7+ Ka6 4.Txf7. Ongewild versnelde ik het einde met 4…c5? 5.Pxc5+ 1-0.
Sebastiaan leek het op het (mijn) oog in het begin wat moeilijk te hebben: een vroeg en ver opgerukte zwarte d-pion en paarden, die via veld c2 binnen dreigden te vallen. Die d-pion was ook nog eens een pluspion. Hij wist de stelling te neutraliseren zodanig totdat de eindspelfase aanbrak. Met rust, geduld, precisie en zelfvertrouwen werd tegenstander Morris Schobben zoekgespeeld. Na twee pionnen er te hebben afgetikt konden de weinige overgebleven stukken in de doos. En zo hebben we toch nog de overwinning naar ons toe weten te trekken. Ik ben benieuwd hoever we komen dit seizoen.
| HSC A (2100) | Eindhoven A (2023) | 2½-1½ |
| Gachatur Kazarjan (2240) | Bas van de Plassche (2335) | ½-½ |
| Sebastiaan Smits (2196) | Morris Schobben (1959) | 1-0 |
| Hugo Faber (2001) | Arda Cayonlu (1930) | 0-1 |
| Johan Wuijts (1962) | Dennis van Kuijk (1867) | 1-0 |
Helmondse Schaakclub